Steun ons en help Nederland vooruit

donderdag 3 september 2020

Onze fractiemedewerker Tjerk vertrekt; een kijkje achter de schermen

Tjerk Ranshuijsen (28) werkte van september 2018 tot september 2020 als politiek adviseur voor de gemeenteraadsfractie van D66 in Rotterdam. Hij ondersteunde de raadsleden Elene Walgenbach, Ingrid van Wifferen en Nadia Arsieni op de portefeuilles Horeca en Evenementen, Onderwijs, Cultuur, Zorg, Sport, Veiligheid en coffeeshops. Nu hij vertrekt is het een mooi moment om de stand op te maken en een kijkje achter de schermen te krijgen.

Tjerk, vertel eens. Hoe ben je bij de fractie terecht gekomen?
‘Eerder deed ik een traineeship bij de gemeente Woerden. Daar had ik veel contact met wethouders en ik merkte dat ik de politieke wereld eigenlijk veel interessanter vond dan de ambtelijke. Ambtelijke processen zijn uiteindelijk vaak best langdradig en ik merkte dat ik er veel energie van kreeg als het politiek – in de raad – spannend werd. Het leek me bovendien veel interessanter om te werken in en aan de stad waar ik ook zelf woon.’’

En hoe is dat toen gegaan? Heb je gewoon gesolliciteerd?
‘Ik stemde altijd al D66, dus de keuze voor een partij was makkelijk. Eigenlijk precies op het moment dat ik bedacht dat het interessant zou zijn om voor een politieke partij aan de slag te gaan was er ook een vacature bij D66 Rotterdam. Helemaal perfect dus. Ik heb toen gesolliciteerd en twee weken later mocht ik mezelf ‘politiek adviseur’ noemen. Dat ging eigenlijk zo snel dat ik nog halsoverkop mijn ontslagbrief voor de gemeente Woerden moest tikken, haha.’

Ben je zelf dan ook lid van D66?
‘Toen ik solliciteerde was ik nog geen lid en dat hoefde ook niet. Ik had toen in mijn achterhoofd wel het idee om lid te worden, maar dat heb ik steeds uitgesteld. Ik dacht eigenlijk altijd: wat ik stem kan verschillen per verkiezing. Maar na twee jaar werken op het stadhuis en voor D66 kon ik het niet langer ontkennen. Ik ben D66’er. Ook omdat D66 steeds als enige partij opkwam voor die zaken die ik zelf belangrijk vind. Uiteindelijk heb ik op mijn afscheidsborrel een cadeaulidmaatschap gekregen van de fractie. Nu ben ik trots D66-lid.’

Hoe zagen jouw dagen op de fractie eruit?
‘Eigenlijk begon de werkdag al in bed. Zodra ik wakker werd las ik AD, NRC en Rijnmond. Je bent altijd aan het kijken wat er speelt in de stad en of D66 daar wat mee kan. Eenmaal op het stadhuis was ik veel aan het bellen met raadsleden, fractiemedewerkers van andere partijen en politiek assistenten van het college. In de politiek ben je constant aan het lezen, schrijven en afstemmen. Je leest de stukken die naar de raad zijn gestuurd door college ter voorbereiding op vergaderingen en debatten. Samen met je raadslid bepaal je het standpunt en de strategie. Je schrijft schriftelijke vragen en moties om bepaalde zaken aanhangig te maken of te regelen en soms ook persberichten om extra reuring te creëren.’

Had je dan alleen contact met mensen op het stadhuis of ook daarbuiten?
‘Contacten buiten het stadhuis zijn misschien nog wel belangrijker dan contacten binnen het stadhuis. Zo had ik veel contact met horeaca-ondernemers en organisatoren van evenementen, mensen in het onderwijsveld, de cultuursector en de zorg. Zo leer je wat er speelt in de stad en kun je het college scherp houden en soms ook echt dingen verbeteren voor Rotterdammers.’

Wat is een voorbeeld van zo’n verbetering? Iets waar je echt trots op bent?
‘Mag ik ook twee dingen noemen? Twee jaar geleden waren de regels voor evenementenorganisatoren heel erg star. Het was voor organisatoren vaak moeilijk om met de gemeente in gesprek te komen. Op basis van onze input vanuit de branche en de voorstellen die vervolgens in de raad zijn ingediend is nu veel verbeterd. De gemeente denkt meer mee en er zijn meer mogelijkheden. Het is nu niet altijd direct ‘nee’ als een evenement niet helemaal in een hokje past. Er is nu meer ruimte voor overleg en aanpassingen. Dat komt de levendigheid van Rotterdam ten goede.

Daarnaast heb ik samen met Ingrid meer dan vijftig zorginstellingen in Rotterdam gebeld over hun ervaringen met het gehandicaptenvervoer. We kwamen toen achter dat er meer onvrede was dan uit de cijfers bleek. We hebben toen een debat aangevraagd om dit aan te kaarten. De gemeente heeft toen meerdere onderzoeken uitgevoerd. Op basis daarvan kon de dienstverlening van het gehandicaptenvervoer worden verbeterd. Er wordt nu beter op tijd gereden.’

Wat viel tegen?
‘Het komt nog wel eens voor dat je als enige partij ergens voor strijdt en dat je dan niet bereikt was je eigenlijk zou willen. Dat is soms demotiverend, maar daar moet je je niet door uit het veld laten slaan. Soms kost het gewoon meer tijd. En in andere gevallen heb je gewoon geen meerderheid. Soms gebeurt dat in een democratie.’

Wat ga je missen?
‘De vele gesprekken in de stad. Het is zo tof om mensen echt te kunnen helpen en ergens middenin te staan. Daarnaast de raadsdagen op het stadhuis. Er hangt dan iets in de lucht waardoor het nooit saai is. Er gebeurt altijd wel iets onverwachts dat de boel op scherp zet. En aan het einde van de meestal lange raadsdag wacht dan altijd een biertje bij stamkroeg de Huismeester. Dat zijn de momenten dat je ongedwongen samen kunt zijn met verschillende partijen.’

Heb je nog een tip voor je opvolger(s)?
‘Laat je niet uit het veld slaan door tegenslagen en geniet ook vooral van het politieke spel en alles eromheen. Het gaat natuurlijk om resultaten bereiken, maar het is vaak een beetje schaken om er te komen. Ik heb geleerd dat uiteindelijk alles politiek is en daar moet je een beetje van houden.’