Steun ons en help Nederland vooruit

donderdag 8 september 2016

Groen licht voor de Zalmhaventoren

Skyline Rotterdam

De kogel is door de kerk: de Zalmhaventoren komt er. Met 190 meter wordt dit het hoogste gebouw van Nederland. Vandaag ging de Rotterdamse gemeenteraad akkoord met het gewijzigde bestemmingsplan dat de bouw mogelijk maakt.

Over de komst van de Zalmhaventoren is jarenlang gesproken, op het stadhuis en in het Scheepvaartkwartier. D66 heeft alle voor- en tegenargumenten zorgvuldig tegen elkaar afgewogen. De fractie stemde vandaag overtuigd vóór de bouw van deze toren. Hieronder lees je waarom. Ook kun je de spreektekst van Stefan Kroon, D66-woordvoerder bouwen, nalezen.

Spreektekst Stefan Kroon

Voorzitter,

Rotterdam is de stad van mogelijkheden en een stad met durf. Rotterdam is ook de stad van architectuur, met de uitstraling van een metropool. En D66 wil dat Rotterdam groeit. Met meer inwoners creëren we meer mogelijkheden, kan het aantal voorzieningen worden uitgebreid en gaat de stad nog meer leven. Daarom investeren we ook veel geld in de binnenstad, zoals bij de herinrichting van de Coolsingel. Tegelijkertijd is er sowieso een groei van inwoners die we moeten faciliteren. De prognose is dat we in de komende vier jaar 15.000 extra Rotterdammers mogen verwelkomen.

Een belangrijk deel van de groei van onze stad, vindt – wat ons betreft – plaats in de binnenstad. Twee weken geleden dienden we hiervoor nog de motie “Ambitieuze verdichting binnenstad” in, waarin we opriepen om in het centrum 6.000 woningen toe te voegen. Die motie is in deze raad met brede steun aangenomen.

De rol van de gemeente is door de jaren heen veranderd. Vanuit de wederopbouw was er een sterke sturing in het ruimtelijk beleid. Daar kijken we nu op een andere manier naar. Meer ruimte en minder sturing staat voor D66 centraal. Vanuit de gemeenteraad stellen we de kaders en we geven projectontwikkelaars de ruimte om met plannen te komen die we daarop toetsen.

Maar we vinden het ook belangrijk om de bewoners hierbij te betrekken. Dat moet zo vroeg mogelijk. Juist bij het bedenken van die kaders op hoofdlijnen, zoals bijvoorbeeld een hoogbouwvisie, is er nog veel vrijheid en is het belangrijk om bewoners te betrekken. De kritiek van de voorzitter van de gebiedscommissie centrum nemen we dan ook ter harte. De participatie was bij dit bouwproject zoals je mag verwachten bij een bestemmingsplan, maar D66 pleit er wel voor om bewoners in de toekomst meer te betrekken bij het opstellen van een visie op de ontwikkeling van het gebied.

Er is veel kritiek op de bouw van met name de Zalmhaventoren. Het is ook niet zomaar een toren: deze toren wordt met 190 meter de hoogste woontoren van Nederland. De kritiek is dat de toren niet zou passen in het historische Scheepvaartkwartier en bovendien teveel op zichzelf staat. D66 plaatst de toren echter in een breder perspectief. De toren staat op de hoogbouw-as van de Wilhelminapier naar het Weena en vormt zo een verbinding tussen de 165 meter hoge Maastoren en dat wat ons nog te wachten staat in het Baankwartier. Het Scheepvaartkwartier is al een plek waar historisch en modern naast elkaar staan. In de hoogbouwvisie wordt juist de brandgrens aangehouden als grens voor hoogbouw. En hoe kun je nu – naast spotjes in de stoep – nog sprekender het verhaal van de stad vertellen, met het noodlot van 14 mei 1940, dan door in de gebouwen het contrast te laten zien tussen toen en nu?

Voorzitter, de tegenstanders van dit bestemmingsplan en de fractie van D66 zullen het niet eens worden. Ik heb begrip voor hun weerstand en zelfs respect voor hun vasthoudendheid met het opstellen van contra-expertises, maar wij maken een andere afweging in het belang van de ontwikkeling van Rotterdam.  

Zalmhaventoren: vraag & antwoord

Wat zijn de gemeentelijke regels voor hoogbouw?

Het bouwen van hoge torens in de stad luistert nauw: er moet rekening gehouden worden met allerlei technische, ruimtelijke en veiligheidsaspecten. Ook is een samenhangende visie nodig om te bepalen hoe je hoogbouw het best kunt inpassen in de stad. Daarvoor maakt de gemeente Rotterdam gebruik van de Hoogbouwvisie, die in 2011 door vrijwel de gehele gemeenteraad is omarmd. Aan de hand van deze visie wordt bepaald waar nieuwe hoogbouw mag komen en aan welke voorwaarden die moet voldoen. Denk bijvoorbeeld aan eisen op het gebied van zonlicht/schaduw, wind en grootte. Daarnaast is het belangrijk dat hoogbouw ook op straatniveau aantrekkelijk is. Daarom moeten op de onderste verdiepingen vooral functies komen die bijdragen aan de levendigheid op straat, zoals winkels en horeca.

In de stad is een gebied aangewezen waar hoogbouw neergezet mag worden: de hoogbouwzone. Deze zone loopt van het Weena via de Coolsingel naar de Wilhelminapier. Door de hoogbouw binnen deze zone te concentreren, ontstaat een samenhangend geheel van torens.

Wat D66 betreft moet er – mits er aan de Hoogbouwvisie en alle andere regels wordt voldaan – veel vrijheid worden gegeven aan partijen die de stad willen ontwikkelen. Of dat nu ondernemers, projectontwikkelaars of burgers zelf zijn (zoals in het programma Zelfbouw).

Waarom is D66 voorstander van hoogbouw?

D66 ziet Rotterdam als een stad van durf en moderne architectuur. We streven naar een stad met de uitstraling en mogelijkheden van een metropool. Hoogbouw zien wij als een middel om die ambitie te verwezenlijken.

Een hogere bevolkingsdichtheid in de binnenstad leidt namelijk tot meer levendigheid, een hoger, betaalbaar voorzieningenniveau en een impuls voor de binnenstedelijke economie. Meer inwoners betekent immers meer bezoekers van winkels en restaurants, maar ook voldoende mensen om een groot aanbod van publieke functies realiseren. Denk aan culturele instellingen, een divers scholenaanbod en sport- en vrijetijdsvoorzieningen.

Daarnaast maakt verdichting een hoogfrequent, fijnmazig netwerk van openbaar vervoer betaalbaar. Dit is niet alleen comfortabel, het is ook duurzaam: als voorzieningen met het OV of te voet eenvoudig bereikbaar zijn, zullen mensen de auto vaker laten staan. Dat blijkt ook uit de ontwikkelingen in de afgelopen jaren. Hoewel het aantal centrumbewoners is gegroeid, is het aantal vervoersbewegingen per auto in het centrum gelijk gebleven. Juist het vervoer op de fiets is in die tijd sterk gegroeid.

Op dit moment is de Rotterdamse binnenstad met zo’n 31.000 inwoners nog relatief dunbevolkt. In het stadscentrum wonen ongeveer 7.500 mensen per vierkante kilometer. Ter vergelijking: in het centrum van Amsterdam en Den Haag is dat respectievelijk bijna 13.700 en 8.900 inwoners per vierkante kilometer.

Past deze ontwikkeling in dit gedeelte van het Scheepvaartkwartier?

Volgens D66 Rotterdam wel. De locatie waar de Zalmhaventoren gepland is, valt binnen de zone die in de Hoogbouwvisie is aangewezen. In de directe nabijheid staan nu al enkele andere woontorens: de Hoge Erasmus en de Hoge Heren. Op de andere Maasoever zijn in de afgelopen jaren ook enkele voorbeelden van iconische hoogbouw verrezen: de Rotterdam (149 meter), New Orleans (158 meter) en de Maastoren (165 meter, nu het hoogste gebouw van Nederland). De Zalmhaventoren kan dit samenspel van hoogbouw op de noord- en de zuidoever juist versterken. D66 herkent zich daarom niet in de vrees dat de Zalmhaventoren niet in harmonie is met zijn omgeving. In tegendeel: volgens ons is het een gedurfde toevoeging aan de Rotterdamse skyline.

De bouwlocatie waar de drie torens aan de Gedempte Zalmhaven gepland zijn, bevindt zich in het historische Scheepvaartkwartier, vlakbij de vooroorlogse bebouwing. Dit levert volgens D66 een spannend contrast op tussen nieuw en oud – al is dat natuurlijk ook een kwestie van smaak. Het Scheepvaartkwartier is een gemengd stedelijk gebied waarin wonen, werken en recreatie bij elkaar komen. De Zalmhaventoren kan al die functies een impuls geven. Op de onderste verdiepingen van de toren zijn allerlei voorzieningen en woningen gepland, zodat er een levendig straatbeeld ontstaat.

Wat vinden Rotterdammers van de Zalmhaventoren?

Bij veel grootschalige stedelijke ontwikkelingen zijn er voor- en tegenstanders. Dat is bij de Zalmhaventoren ook het geval. Een deel van de buurtbewoners is uitgesproken tegen de komst van de toren. Hun bezwaren richten zich vooral op de afname van zonlicht in hun woningen en de verkeersdoorstroming in de wijk. Uit een bezonningsstudie die hiervoor is uitgevoerd, blijkt echter dat het aantal uren zonlicht dat op de gevel valt, voldoet aan de norm. De verkeersdruk zal weliswaar iets toenemen, maar blijft acceptabel. Bovendien zal de inrichting van de Houtlaan aangepast worden, zodat een betere verkeersdoorstroming mogelijk wordt. Experts van de gemeente verwachten dan ook geen problematische knelpunten in dit deel van het Scheepvaartkwartier.

We hebben met een aantal bewoners over hun bezwaren gesproken en de ingediende zienswijzen aandachtig doorgenomen. We vinden het vervelend dat veel tegenstanders van het plan aangeven zich onvoldoende gehoord te voelen. Hoewel we van mening zijn dat de gemeente het participatietraject bij deze bestemmingsplanwijziging correct doorlopen heeft, pleiten we er daarom voor om Rotterdammers juist al bij de totstandkoming van de kaders op hoofdlijnen (zoals een hoogbouwvisie) eerder te betrekken. We hopen dat Rotterdammers zich daardoor in de toekomst meer betrokken zullen voelen bij de ontwikkeling van hun stad.